Project OM-afdoening: ‘Deze ervaring neemt niemand mij af’

Home  >>  In de media  >>  Project OM-afdoening: ‘Deze ervaring neemt niemand mij af’

Project OM-afdoening: ‘Deze ervaring neemt niemand mij af’

16
feb,2008

0

Hard werken, maar ook samen naar de Ierse stamkroeg en een concert van Peter Gabriel. ‘Niemandneemtonsdezeervaringmeeraf’,zeggendeledenvandeprojectgroepOM-afdoening. Nieuwe collega’s van het OM nemen het stokje over. De huidige projectgroepleden, die er binnen- kort mee ophouden, blikken terug op tweeënhalf jaar OM-afdoening.
Hugo Hillenaar, projectleider OM-afdoening

Hoe lang ben je betrokken geweest bij de invoering van de Wet OM-afdoening?
‘In juli 2005 werd ik in Praag gebeld door Harm Brouwer. Gezeten in het zonnetje
op een fraai terras aan de Moldau, achter een lekker glas wijn, heb ik enthousiast ja gezegd ondanks de waarschuwingen van Harm dat het een zwaar project zou wor- den. Mijn ja werd vooral ingegeven doordat Harm zei dat het voor het OM een heel belangrijk project was, en uiteraard was ik dus vereerd hiervoor te worden gevraagd.’

Wat was jouw rol in de projectgroep?
‘Mijn rol was projectleider. Mijn project- team was al geformeerd en later bleek dat de projectleden elkaar prima aanvulden en al snel een hecht team vormden. Dat is naar mijn mening cruciaal voor het slagen. De dynamiek is groot in een projectteam, er wordt veel van eenieder verwacht en
er moet onder druk worden gepresteerd. Dat betekent ook vaak ’s avonds en in de weekenden doorgaan. Ik vergelijk het altijd met een snelkookpan. Dat kan alleen als de onderlinge band heel goed is en iedereen bereid is veel voor elkaar te doen en eerlijk en duidelijk naar elkaar te zijn. “Een soort huwelijk met elkaar”. Intensief, maar heel erg leuk.’

Wat zal je het meest bijblijven van jouw jaren ‘OM-afdoening’?
‘Allereerst vond ik het erg leuk om naast mijn baan als plaatsvervangend hoofdofficier, waarin je toch iets meer in een keurslijf zit, één à twee dagen per week in spijkerbroek heel intensief met een klein clubje mensen bezig te zijn om bij te dragen aan een stukje organisatieverandering. We gaan immers als gevolg van dit project het overgrote deel van de kantonzaken onderbrengen bij de CVOM. Hiernaast leverde de complexiteit van dit project wel een permanente uitdaging. Naast genoemde organisatieverandering, zijn we bezig met wet- en regelgeving: veel contacten met het departement; maken van Amvb’s en besluiten; aanpassen van vele tientallen regelingen; discussie en congressen over de OM-afdoening naast de bestuurlijke boete, etc.

Ook doen we aan opleiding: ontwikkelen van trainin- gen en cursussen; opleiden OM-ers; een GPS-knoppencursus, etc. Verder de interne communicatie: rondje langs de MT’s; pre- sentaties; brieven, etc. En automatisering. Ik weet nog dat ik Ruud Daverschot vroeg of de aanpassing in GPS een probleem zou zijn. Nou dat viel wel mee, zei Ruud, maar al snel bleek hoe dominant automatise- ring in dit project werd, want niet alleen GPS, maar ook de politie, het CJIB en het departement waren bezig met majeure ICT- projecten en dit kwam allemaal samen in het project OM-afdoening.

Daar heb ik erg veel van geleerd. Inmiddels weet ik alles van ketenprocesmodellen, informatieanalyse, regressietesten, GAT, PAT en FAT, issues, patches etc. Sturen op automatisering is een vak apart, ketenautomatisering is helemaal ingewikkeld, daar word je als projectleider erg nederig van. Mijn respect voor Henk van Brummen, die GPS aanstuurt, was al groot, maar is alleen nog maar gestegen.’

Is er leven na de projectgroep OM-afdoening?
‘Ik zal dit project als ik ermee klaar ben zeker gaan missen. Ik denk dat ik mijn pro- jectgroep nog regelmatig zal zien, want zo’n project schept wel een band voor het leven. Gelukkig hoef je binnen het OM echter nooit zorgen te maken over nieuwe uitda- gingen om je schouders onder te zetten. Bovendien kan ik mijn hart ophalen in mijn huidige functie. Hoofdofficier van Breda is iedere dag genieten. Er is dus nog wel degelijk een leven na de projectgroep, maar deze ervaring kan niemand me meer afnemen.’

Heb je nog een advies voor de medewer- kers op de parketten die straks met de OM-afdoening te maken krijgen?
‘Organisatorisch is het belangrijk te anti- ciperen op de zaakstromen die overgaan naar de CVOM. Maak je niet teveel zorgen over inhoudelijke verandering. De OM-afdoening geeft nieuwe kansen en ver- antwoordelijkheden. Het is belangrijk dat we de verruimde bevoegdheden professioneel invullen en laten zien dat het OM het vertrouwen van de wetgever waarmaakt.’

Bron: Opportuun, jaargang 14, nummer 2, februari 2008 (hier als PDF te downloaden)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>